Bekijk hier de volledige registratie van de introductie van Lodewijk van Nieuwenhuijze

VAN EESTEREN & VAN LOHUIZEN

Het Algemeen Uitbreiding Plan voor Amsterdam (AUP) uit 1934 oogstte alom bewondering als eerste stedenbouwkundig plan dat was gebaseerd op onderzoek. Het illustere koppel Van Eesteren en Van Lohuizen verrichtte de eerste, eenvoudige surveys en het integrale ontwerp kwam geheel binnen de kleine afdeling Stadsontwikkeling van de gemeente Amsterdam tot stand. Het ontwerpproces werd, in de woorden van Van Lohuizen, gekenmerkt door ‘een voortdurende wisselwerking tussen intuïtie en kennis’.
De uitvoering van het iconische plan na de oorlog, wordt momenteel bestudeerd door het bureau SteenhuisMeurs en anderen. Het AUP, dat in feite niet meer dan een schematisch plan was, moest onder druk van de hoge woningnood, razendsnel tot uitvoering worden gebracht. Lara Voerman en Minke Walda, medewerkers van SteenhuisMeurs maken duidelijk hoe de vooroorlogse regiefunctie van Stadsontwikkeling, met het duo Van Eesteren & Van Lohuizen, binnen de dienst Publieke Werken sterk verschoof. In 1948 werd deze Dienst opgetuigd tot een sectorale dienst en werd de afdeling Stadsontwikkeling een van de vele radars in het geheel. De directeur Publieke Werken nam nu een centrale positie in. Steeds meer gemeentelijke afdelingen, maar ook provinciale en rijksdiensten raakten bij de bouwplannen betrokken. Bovendien viel er een ingrijpende politieke beslissing om, vanwege tijdsdruk en financiën, de Westelijke Tuinsteden en Buitenveldert, niet tot boezempeil, zoals het AUP voorschreef, maar slechts tot polderpeil op te hogen. Door personeelswisselingen was ook de befaamde, vooroorlogse teamspirit bij Stadsontwikkeling weggeëbd. Er was op de afdeling veel minder dialoog tussen onderzoekers en ontwerpers. Gaandeweg verzwakte de positie van Stadsontwikkeling binnen Publieke Werken.

Bekijk hier de volledige registratie van de lezing van Gerrie Andela

VAN DEN BROEK & BAKEMA

Studenten van de TU Delft onderzochten de relatie tussen ontwerp en onderzoek in plannen uit het archief van Bureau Broek en Bakema. In tegenstelling tot de voorgaande projecten begonnen deze ontwerpprocessen niet met onderzoek maar met een radicaal concept. Zowel bij het planproces voor Lage Land in Rotterdam als voor Tanthof in Delft was het eerste concept niet afgestemd op de behoefte en de planlocatie. Hoe verliep het ontwerpproces vanaf de eerste ‘extreme schets’ tot de uitvoering en wat was de rol van het onderzoek in dit proces?

Impressie onderzoek Bakema

Impressie onderzoek Bakema

HET GROTERE KRACHTENVELD

Kenmerkend voor een geslaagde samenwerking tussen onderzoek en ontwerp is de nieuwsgierige houding naar elkaar, zodat de onderlinge dialoog het plan steeds weer verder kan brengen. Het bloemmodel lijkt gebaseerd op een mythisch idee van de begaafde ontwerper die als visionair de juiste richting aanwijst voor de toekomst. Zelfs van Van Eesteren is gebleken dat hij een gelijkwaardige samenwerking met Van Lohuizen had. Onderzoek verschaft het ontwerp een fundament en is noodzakelijk om het plan ook binnen een groter krachtenveld van politiek en maatschappij tot uitvoering te brengen. Binnen het ontwerpproces is het zaak om in te kunnen spelen op de veranderende maatschappelijke vragen en behoeftes. Michiel van Dongen (Ministerie Infrastructuur & Milieu) benoemde dit grotere krachtenveld van maatschappij, politiek en wetenschap heel expliciet in zijn reactie. Ook gespreksleider Jannemarie de Jong benadrukte de steeds groter wordende invloed van de politiek op het landschapsontwerp, en benadrukte dat het om die reden noodzakelijk is dat burger en samenleving nauwer worden betrokken bij het planproces. Het ontwerpproces zou een volgende keer dan ook bezien moeten worden vanuit een breder perspectief dan alleen dat van de ontwerper en de onderzoeker.
 

Fransje Hooimeijer, Frits Palmboom, Lodewijk van Nieuwenhuijze
Julia van der Meer
Joosje van Geest
Lotte Haagsma
Jochem van der Spek

Dit project maakt deel uit van de programmalijn Landschap en Interieur en het dossier AAARO Onderzoeksprojecten.

Het project Water & Stedenbouw is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur & Milieu in het kader van de ActieAgenda Architectuur en Ruimtelijk Ontwerp (AAARO).